KIM
HEIJDENRIJK

Blog


Schr-IJver

Het afgelopen jaar ben ik geworden wie ik altijd al was. Schrijven doe ik al vanaf mijn tienertijd, maar schrijfster heb ik mezelf nooit genoemd. Een decennium lang kon ik mezelf journalist noemen, maar die vorm van schrijverij bood niet niet de diepgang waar ik naar op zoek was. Ik wilde iets schrijven van betekenis, iets dat de wereld een stukje beter of mooier zou maken. In een boek, een wat minder vluchtig medium.

Nog heb ik er moeite mee mezelf schrijfster te noemen, want er is nog geen boek. Ben je een schrijver als je schrijft, of als je een boek hebt gepubliceerd? Als iemand vraagt wat ik doe, dan zeg ik altijd dat ik aan een boek werk. Schrijfster klinkt zo hoogdravend. Of juist niet, want ‘iedereen schrijft tegenwoordig een boek’. Niet alle boeken zijn goed en het is wel mijn bedoeling een goed boek te schrijven. Dit werkt ook enigszins verlammend, want ik ben een kritische lezer. Inmiddels.

Vanaf mijn studietijd ben ik, na in aanraking te zijn gekomen met het werk van Harry Mulisch, een verwoed lezer en verzamelaar van boeken. Het verzamelen had toen vooral betrekking op het werk van Mulisch, later boeken-over-boeken en boekenweekgeschenken. Nu verzamel ik voornamelijk boeken over Den Haag. Ik lees echter alles, het liefste literatuur.

De afgelopen jaren heb uitsluitend boeken gelezen die verband hielden met mijn onderzoek. Ik was bang onbewust iets over te nemen of om te worden afgeleid van het verhaal waar ik aan werkte. Bovendien had ik helemaal geen tijd om te lezen voor mijn ontspanning. Er lagen immers nog stapels boeken voor mijn research te wachten, die overigens ook heel leuk waren om te lezen.

Het afgelopen jaar had ik bijna nergens tijd voor; er moest een boek worden geschreven. Met Pasen ben ik begonnen met schrijven en kort daarna meldde zich geheel onverwacht Uitgeverij Water. Bram Bakker en Harold de Croon gaven aan ‘Op zoek naar George’ te willen uitgeven. We spraken af dat ik een half jaar de tijd had het boek te schrijven.

Het was een enorme operatie om naast mijn moederschap het schrijverschap te beoefenen. Het woord IJver zit niet voor niets in schrijver. Ik begrijp nog altijd zelf niet hoe ik het voor elkaar heb gekregen het verhaal zo snel op papier te zetten. Of eigenlijk wel: onwerkelijke arbeidsuren en verwaarlozing. Van mezelf, mijn man, kinderen, familie en vrienden. Gelukkig kon ik rekenen op veel begrip, al voel ik mij soms nog schuldig.

Pasen werd de start van het boek nadat ik een jaar eerder het onderzoek was begonnen, dat tijdens het schrijven overigens gewoon doorging. Nu is het Kerst en het boek is geboren, al is het er fysiek nog niet. Het opgemaakte bestand is er en na de feestdagen gaat het naar de drukker. Rond de jaarwisseling worden de uitnodigingen voor de boekpresentatie verstuurd.

Ik ben over een paar weken met de verschijning van het boek dan écht die schrijver die ik voor mijn gevoel ben en altijd al was. Nu kan ik alleen maar hopen dat de lezers vinden dat ik een goed boek heb geschreven. En dat ‘Op zoek naar George’ de wereld een beetje beter én mooier maakt.